Met een terugblik op afgelopen jaar kijken we vooruit naar wat komen gaat
Met een terugblik op afgelopen jaar kijken we vooruit naar wat komen gaat Foto: Lise Donné


Dan onze neus lang is

Het jaar is bijna ten einde. Tijd voor wat rust en bezinning, of juist reuring en actie, dat is aan ieder voor zich. Voor mij persoonlijk het liefst een combinatie, want beide zijden trekken me aan. Zo vlak voor de kerst worden we door melancholie en nostalgie nauwer verbonden. We kijken elkaar net wat dieper in de ogen. Kijken ook wat verder dan onze neus lang is. Wat er om ons heen gebeurt, reeds is gebeurd en op welke manier ons dit raakt.


Dit jaar proefde ik van een cake, met liefde gemaakt door de moeder van een groot Afghaans gezin dat met een oer-Hollandse bakfiets de wegen bestijgt. Zag ik het Maaswater buiten haar oevers treden in midwinter. Om ons uitnodigend (en een tikkeltje spanning opwekkend) zowel het schouwspel van hoogwater als ijspret voor te schotelen. Zag ik het door toeristen zo geliefde Reindersmeer door andere ogen en bleek deze plek, zoals zoveel paden die ik metaforisch bewandelde dit jaar, mij een nieuwe kijk te geven op onze regio.


Onze regio, die door diverse vogelsoorten klaarblijkelijk wordt verkozen om te overwinteren. Niks geen Benidorm of Tenerife; hier is het paradijs. Waar officieuze musea opdoemen op ongebruikelijke plekken. Bij mensen thuis, of gewoon onderweg. Rondom verlaten gebouwen bovendien, die ons herinneren aan de tijd dat grenscontroles de normaalste zaak van de wereld waren. Maar waar tevens vliegtuigen op steenworp afstand hun heen- of terugkeer maken. Waar ik mijn sentimentele herinneringen aan ‘booming business’ op de markt wat heb moeten bijstellen.


Een omgeving ook, waar de verhalen van toen en nu nog volop aanwezig zijn. Soms misschien wat onder het stof, maar dankzij archieven, verenigingen en activiteiten vastberaden om bij ons te blijven. Dorpelingen, elkaar treffend in de kroeg of op straat, niet verlegen om een praatje of een blijk van belangstelling hoe het écht met de ander gaat. Elkaar zien, letterlijk en figuurlijk. Soms verdwijnt het saamhorigheidsgevoel even wat naar de achtergrond. Zeker in deze donkere dagen gaan de spreekwoordelijke luiken al wat vroeger dicht.


Ik denk na, vanachter mijn eigen gesloten luiken. Aan die momenten dat ik mijn ogen wijd open had en de boer op ging. Aan de bijzondere gesprekken die ik daardoor heb mogen ervaren. De mensen die ik al dan niet toevallig of gepland heb mogen treffen. Mensen die mij gastvrij een kijkje gaven in hun leven; de omgeving waar zij vertoeven. Op hun boerderij, in de luwte en tevens centraal. Ingenieuze uitkijktorens en andere bouwprojecten, die oude gebouwen een totaal nieuwe bestemming hebben gegeven. Dat ik in de voetsporen trad van Jan den Duvel en probeerde een oud mysterie te ontrafelen. Dat ik per bus ontdekte hoe mensen hun weg van A naar B afleggen. Waar Jong Nederland-avonturiers bivakkeren in onze bossen en wij zowaar een trekpleister blijken voor retreats en meer van dat al.


Verder kijken dan de neus lang is. Ik vind ‘m treffend. Ga je neus maar eens achterna. Interessante plekken besnuffelend, met een neusje voor details. Wees erbij. Met je neus erbovenop; laat niets aan je neus voorbij gaan wat voor jou is bedoeld. Op die manier krijgen we samen, met uitzicht op het nieuwe jaar, vanzelf de neuzen dezelfde kant op. Maak er samen iets moois van!

Met een terugblik op afgelopen jaar kijken we vooruit naar wat komen gaat