Fedrighello graaf Bossi-Fedrigotti huwde met Leopoldine in 1902
Fedrighello graaf Bossi-Fedrigotti huwde met Leopoldine in 1902 Foto: Archief Well

De laatste dagen van de adel

Rond 1900 kwam er langzaam een einde aan het adellijke stempel op kasteel Well.

De eigenaren von Schloissnigg uit Wenen hadden na drie generaties hun belangstelling in hun bezittingen in Well, Mill (kasteel Aldendriel) en Posterholt (kasteel Annadael) verloren. Wonen deden ze er al vanaf het begin van hun heerschappij (1852) niet. Wat kasteel Well betreft kon dat ook niet, omdat de onechte dochter van Pieter baron de Liedel bij zijn overlijden het vruchtgebruik gekregen had. Ook na haar overlijden in 1878 bleven de Schloissniggs in Oostenrijk wonen. Het bleef wat Well betreft bij vakantietripjes en beleefdheids-bezoekjes, waarbij de laatste stand van zaken met de rentmeester besproken werd.

Inmiddels was Annadael door bouw-kundige problemen al onbewoond geworden en Aldendriel eind 1903 verkocht. Voorbereidingen werden getroffen om ook Well te verkopen. Dat was nog niet zo makkelijk, omdat er heel veel geld mee gemoeid was en kopers niet stonden te dringen.

De vier zussen van de baron in Wenen begonnen zich al te roeren, want ook zij zouden delen in de opbrengst. De baron, Franz Carl von Schloissnigg, ging te rade bij zijn rentmeester Gerard Peters en bij baron de Weichs de Wenne van kasteel Geijsteren, wiens dochter hij om haar hand gevraagd had. De baron schakelde notaris Oscar Haffmans uit Helden in, die zijn achterneef Coenraad Esser uit Venray bij zijn plannen betrok. Aangevuld met een handjevol kapitaalkrachtige, aangetrouwde familieleden werd de Maatschappij Well opgericht, waarvan Esser de directeur werd. Op 22 februari 1905 werd het kasteel met bijna 900 hectaren grond en de hele inventaris aan de Maatschappij Well verkocht voor F 266.380. Omgerekend naar nu zo’n 9,5 miljoen euro. Een koopje, maar baron von Schloissnigg wilde snel geld zien.

De inboedel werd in mei in twee dagen geveild voor ruim F 35.000 en verdween naar alle windstreken. Toen iedereen vertrokken was, was het kasteel vrijwel leeggeplunderd.


Bijna twee jaar eerder, in juli 1903, had de familie von Schloissnigg zich toch nog op een bijzondere wijze verbonden met kasteel Well, ook al woonden ze er nooit.

Een van de zussen van de Weense baron, Leopoldine, verbleef met haar man, Fedrighello graaf Bossi-Fedrigotti, vanaf eind 1902 tot oktober 1903 op het kasteel. Het paar was 15 september 1902 in Wenen getrouwd en kort daarna op reis gegaan. Wittebroodsweken op het kasteel van hun broer en zwager in Holland leek hun wel wat.

Daar werd op 5 juli 1903 een dochtertje geboren: Sofia. Drie maanden later vertrok het jonge gezin weer naar Wenen.

Tijdens hun verblijf op kasteel Well had het echtpaar een hechte vriendschap opgebouwd met het gezin van rentmeester Peters, resulterend in twee bezoeken over en weer in 1934 en 1935. Ook daarna bleven ze elkaar geregeld schrijven. In een van de brieven die bewaard gebleven zijn vertelt Sofia aan Rosalie Peters, de vrouw van rentmeester Peters, dat haar moeder Leopoldine steeds benadrukt dat zij de gelukkigste tijd van haar leven in Well doorgebracht heeft.

Leopoldine verloor haar man al heel vroeg, nog geen jaar na de geboorte van Sofia. Sofia zelf overleed op haar 49e verjaardag. Leopoldine overleefde haar man en twee dochters en overleed in 1960 op 81-jarige leeftijd.


Deze bijdrage kwam tot stand dankzij  Archief Well, bereikbaar via e-mail: info@archiefwell.nl 

Afbeelding