
Ingevlogen
Algemeen IngezondenDe koffiemachine ratelt, stoomt en bereidt Franks laatste kop koffie van de dag, wanneer ik aanschuif aan de grote tafel in de Valkstraat. Frank; koffieleut pur sang, crost voor zijn werk, Stichting Nederlands Bakkerij Centrum, het land door. Samen met zijn vrouw Renny komt hij, hier in het Bergse, na een lange dag thuis. Letterlijk. Beiden zakten zij ooit van het noorden des lands richting zuid. Een hele overgang, zo zou je kunnen indenken. Niets is minder waar. Renny en Frank, alweer meer dan dertig jaar import-Bergenaren, voelden zich nog nooit zo op hun plek. Ik spreek graag mensen die onze gemeente hebben gekozen als nieuw thuis. Het verhaal van Renny en Frank staat, zoals iedere individuele situatie, op zichzelf. Maar is, zo hoop ik toch, een bemoedigend verhaal voor al wie hier is neergestreken en zijn wortels hier probeert te laten groeien.
De twee leerden elkaar op een bijzondere manier kennen; noem het puur toeval. Jonge Renny woonde en werkte in een piepklein boerendorpje in Friesland, in het café van haar ouders. Weinig ruimte voor vrije wil; het was zoals het was. Maar het was wel díe plek waar ze de van origine ras-Amsterdammer Frank op zekere dag aan de toog had. De twee hebben elkaar nooit meer losgelaten. Hoe hij er verzeild kwam? Frank, die destijds Amsterdam al had ingeruild voor de Achterhoek vanwege zijn werk, ontmoette Renny’s vader op een wijnfeest in Cochem. Vader Porte moest hebben gedacht: ik ken een prachtig bruincafé in het Friese ‘allemansland’. Kom maar eens kijken. En zo geschiedde.
Renny, die na enige tijd bij Frank in zijn Achterhoekse caravan introk, vond er wat moeilijk haar weg. De geslotenheid van de dorpelingen achter kanten gordijntjes paste niet bij de deur-wijd-open-energie van Frank en Renny. De geboorte van hun kinderen, Patty en Rick, bracht hen verder in beweging. Een baankans mét verhuisplicht, mede aangedreven door onze trots Jan Linders zelve, maakte hun definitieve trek naar het zuiden compleet. Nog niet wetende dat dit weleens hun eindstation kunnen worden.
Van Amsterdam en Friesland via de Achterhoek naar Noord-Limburg dus. Ga er maar aan staan. Vanaf het allereerste moment was het voor Renny en Frank hier echter een warm welkom. Hun vrienden- en kennissenkring reikte al snel tot ver buiten de Meikrekels-contreien. Renny, gastvrouw met hart en ziel, was al snel het boegbeeld van de Bergse sportaccommodatie-horeca. Haar kordate, gastgerichte verschijning liet bij elke sporter, voor of na de wedstrijd, een vertrouwd gevoel achter.
Tijden zijn veranderd, en zo ook banen. Maar een typische dagelijkse routine is bij de twee nog altijd te herkennen. Frank, eeuwig op zoek naar zijn sleutels, haast zich de deur uit om het land door te crossen, terwijl Renny zich opmaakt om seniorenverblijven in Verpleeghuis De Lindenlaan, leefbaar te maken. Een zwaai naar de buurman, een telefoontje naar huis over wat de pot schaft; een krabbel op de kalender bij een weekendje met De Meikrekels; het zijn kleine momenten van groot geluk.
Hoewel de kinderen zijn uitgevlogen, weten Renny en Frank het inmiddels zeker: dit is thuis. En zoals zij ooit als Meikrekels de straten van Köln en Kevelaer afstruinden, op zoek naar De Geest van Carnaval, bleek die uiteindelijk gewoon ‘ien Bérge’ te zijn. Een mooie metafoor voor Renny en Frank zelf. Zij zoeken niet verder; hier is het te doen.
Door: Lise Donné
Fred Fransen






































