Cora Leek
Cora Leek Foto: Cora Leek

Column: Zondags Uitstapje

Algemeen Column

Het is een kille, grijze ochtend. Terwijl mijn man zijn eerste vaccinatie tegen Covid-19 gaat halen, maak ik een kleine wandeling door het centrum van Boxmeer. De klokken van de Basiliek luiden zo doordringend, dat ik besluit maar eens binnen te stappen. Het is tenslotte zondag en stiekem wil ik even schuilen bij dit gure weer. De deuren staan uitnodigend open en ik voel me half toerist en half gelovige. Je schudt je opvoeding tenslotte nooit helemaal van je af. Mondkapje open de hal in. Mijn bril beslaat en vaag zie ik een mijnheer. ‘Gaat het goed met u?’, vraagt hij me.

Ik blijf staan om een eerste indruk te krijgen van dit immense gebouw, dat de voornaamste winkelstraat van dit dorp beslaat. Ik was er al eens omheen gelopen en had me verbaasd over de omvang van het complex. Hoe kan dit levensvatbaar zijn in deze tijd van ontkerkelijking?

De bezoekers zijn op een hand te tellen en worden warm ontvangen door vrijwilligers. Omarmd bijna, zou je kunnen zeggen. Ik zie brandende kaarsen, bloemen en met wat verbeelding hoor ik orgelmuziek en ruik ik de vertrouwde wierook. Alleen het tafeltje waar kerkgangers geregistreerd worden valt uit de toon.

Op de uitnodiging voor de eerste vaccinatie van mijn man stond een kwartier ingepland voor nazorg. Dat geeft mij tijd om nog wat verder door de gewijde stilte van de winkelstraat te lopen. Diep weggedoken in mijn winterjas blijf ik staan voorde etalages met kleurige voorjaarskleding. Na een jaar zonder shoppen heb ik geen idee van de kleuren van dit seizoen. De fleurige jurkjes staren me aan. Het glas tussen ons is als de barrière die het coronavirus opgeworpen heeft. ‘Pak me dan, als je kan’, lijken ze te fluisteren. ‘Je mag er alleen maar naar kijken, maar aankomen niet.’

Het is niet lekker winkelen als je niet mag struinen. Ik houd het voorlopig bij langslopen. ‘Wel kijken, niet kopen’, zeggen buitenlandse marktkraamhouders over ons volkje. Dat is nu helemaal van toepassing. ‘Ben zo terug’, staat er op de deur van de winkel met fopartikelen. Dat doet me denken aan die Italiaanse ober. ‘Vado e vengo’. Ik kom er zo aan. Oeps, nu even slikken. Niks uitnodigend terrasje in een zonnig land. Nog even geduld.

Het kwartier is voorbij. Als ik mijn man vraag hoe zijn ervaring met het prikcentrum was, is hij vol lof over de gastvrijheid en begeleiding. Alleen het kopje koffie ontbrak. Onverwachts is de kilte van deze zondag voor even verdreven door twee royale vleugen warmte.

Cora Leek

!